Het grootste respect zijn wij verschuldigd aan een kind
Op 09 mei 2014 was het Jan Tabak hotel in Bussum het toneel van de boek presentatie van "Het verboden dagboek van Maaike Vaatstra - De schokkende onthullingen over de werkelijke daders van de moord op Marianne Vaatstra". Wat een top avond was het! Een uiterst morbide onderwerp, maar een geweldige sfeer in de ruimte! En mocht ik mogelijk nog latente twijfel hebben gehad, dan is die verdwenen als sneeuw voor de zon. Dit wil ik een geweldige prestatie noemen! Want als je de implicaties van het boek bekijkt, het OM is bewezen corrupt tot op het bot, dan zou je verwachten dat ook mij cognitieve dissonantie parten zou spelen. Maar niets is minder waar. Het is onmogelijk de inhoud van het boek tot je te nemen en deze homerun te ontkennen. Dit is wat je noemt "game - set - match"!
Geïnteresseerden in het boek kunnen een exemplaar bestellen via deze link. Boekentip pur sang!
Vernietigende video's
Hoe het politie, justitie en het Openbaar Ministerie bizarre bokkensprongen hebben gemaakt om de focus weg te leiden van de werkelijke daders, dat het ik geprobeerd te illustreren met het onmogelijke fietsverhaal en het wegsluizen van de daders in mijn artikel van gister: "Dankbaar voor het oplossen van de moord op Marianne Vaatstra? Deel 1". Liegen, manipuleren en brutaal bedreigen werden door de overheid afgewisseld met stomweg zwijgen over essentiële elementen uit de zaak Vaatstra. Dit bedrog is zelfs vastgelegd op video. En niet eenmaal, maar bij herhaling! De nieuwste in de reeks video's is dodelijk voor cold case rechercheurs Adema en Vos. Maar laten we beginnen stap voor stap een aantal eerdere video's de spotlight gunnen.
Eénvandaag
Henk Mous, Officier van Justitie, in een drieluik over de Vaatstra zaak van Eénvandaag, was jarenlang het ultieme voorbeeld van de leugens van het OM. In de uitzending probeert Mous krampachtig het fabeltje van de juiste uitgesloten Ali H. overeind te houden. Maar hij valt finaal door de mand. Hij staat er overduidelijk, maar met stalen gezicht, zo glashard te liegen dat zelfs de voice-over de kijker vraagt:
"Snapt u het nog?"
Het gehele drieluik en de teksten uit de uitzendingen volledig uitgeschreven kunt u vinden in het artikel "Zat Eénvandag in 2010 toch goed in de Marianne Vaatstra-zaak?". Ook dit fragment kwam uiteraard tijdens de boek presentatie aan bod. Hoongelach viel Mous ten deel. Maar beseffende dat Henk Mous de stem van het OM is, een organisatie betaald door de burger en ons zo beduveld, was het eigenlijk pijnlijk om waar te nemen. En schandalig dat deze leugen nooit eerder harder is uitgespeeld door om het even welke partij daar de mogelijkheid toe had.
JDTV
Ruim een maand na de uitzendingen van Eénvandaag hadden Wim Dankbaar, Micha Kat en Gerrit Veldman een gesprek met de eerder genoemde cold case rechercheurs Adema en Vos. Men wilde de blauwe petten informatie overhandigen welke kon bijdragen aan het oplossen van de moord op Marianne Vaatstra. Dit gesprek is vastgelegd op beeld en geluid door JDTV.
Eerlijk gezegd heb ik, in het begin dat ik me in de Vaatstra zaak begon te verdiepen, deze video reeds eerder bekeken. Maar met de kennis van nu overtreft deze video mogelijk zelfs gevoelsmatig de uitglijder van Mous. Hij deed in ieder geval nog zijn best. Maar de twee bromsnorren winden er geen doekjes om in het volgende filmpje. Voordat er inhoudelijk in gegaan kan worden op de onderwerpen die Kat en Dankbaar aan willen dragen, wordt alles pertinent afgeschoten als "niet interessant". De arrogantie waarmee dit gebeurt is werkelijk om te kotsen!
Tenenkrommend is het te kijken naar de dovenmansoren van het cold case team. De onopgeloste gruwelijke moord op het onschuldige kind Marianne Vaatstra hield het land al ruim 10 jaar bezig, dus een oplossing van de moord "zou mooi wezen", om in cold case team woorden te spreken. Maar de rechercheurs vervallen direct in het ridiculiseren van de boodschap wanneer bij aanvang van het gesprek de pijlen op het AZC worden gericht. De ene drogreden volgt de andere op om uiteindelijk te zeggen dat ze "niet willen samen werken met stakkers als jullie". Argumentum ad hominem iemand?
Voor diegenen met een sterk schild tegen frustratie, hier de video zelf:
Hans Maurits
Recentelijk werd J. Hans Mauritz een uur lang geïnterviewd door Micha Kat, wat online werd geplaats in 3 delen. Hier deel 1, deel 2 en deel 3. In het licht van de Vaatstra zaak en het boek dat gister is verschenen is dat derde en laatste deel erg interessant. Zo spreekt hij onder andere over 3 verklaringen die zijn gedaan bij de notaris, waarvan er 1 is van een persoon die direct bij de moord betrokken was, de andere 2 waren er indirect bij betrokken. Laat dat maar even op u inwerken...
Zo rond de 4 minuten in het filmpje spreekt Mauritz over een tot nu toe voor de buitenwereld onbekende video. Er is volgens Hans geen twijfel mogelijk dat hieruit blijkt dat het OM op de hoogte was van de werkelijke daders, maar dit nooit het daglicht mocht bereiken. Deze video zal ter beschikking worden gesteld aan een van de media. Eerlijk gezegd reken ik erop dat dit Eénvandaag wordt, want die hebben nog wel iets recht te zetten...
Maar de bezoekers van de boek presentatie hadden de primeur. Met dank aan Gerrit de boer, particulier rechercheur die ook al werd besproken in deel 1 van deze reeks. De aanwezigen hebben het met eigen ogen kunnen aanschouwen, maar de rest van de wereld moet nog even geduld hebben. Ware het niet dat Micha Kat op zijn klokkenluideronline website een groot citaat uit het fysieke boek heeft geplaatst. Dit heeft betrekking op deze specifieke video en beschrijft wat er te zien is.
Als afsluiter in de rubriek ‘Graniethard bewijs’ dan nog het meest sprekende en – letterlijk – meest beeldende bewijs van het bedrog van Justitie. Fasten your seatbelts. Al in 2001 belt een gedetineerde asielzoeker in de Penitentiaire Inrichting ‘De Schie’ in Rotterdam met zijn advocaat. Hij heeft hem nodig. Of hij even langs wil komen. Rachid is de naam en hij weet wie de moord op Marianne Vaatstra heeft gepleegd. In ruil voor zijn verklaring wil hij een verblijfsvergunning. Linke soep dus want hoe betrouwbaar is het wat deze man heeft te melden? Peter R. de Vries heeft hij ook al benaderd maar die geeft geen sjoege. In 2007 probeert Rachid het nog een keer. Nu benadert hij het OM zelf en als backup een privé-detective in Leeuwarden. De advocaat overlegt met het RBT. Die zijn wel bereid om naar Rotterdam af te reizen zeker nu hen verteld is wat Rachid wil verklaren. Adema en Vos draaien hun hand niet om voor het volgende klusje. En, mocht het allemaal wel kloppen wat de man te vertellen heeft dan moet het natuurlijk wel even ‘stuk gemaakt’ worden, een specialiteit van Pink Panter’s magistrale duo Dreyfus en Clouseau. Men pakt het hoog op in Leeuwarden. De OvJ komt mee. Het gezelschap wurmt zich in een spreekkamer en Rachid en zijn advocaat zijn in aantocht. Het verhoor wordt opgenomen. Met beeld en geluid. Voorafgaand aan het gesprek staan Adema, Vos en de OvJ nog wat te leuteren. Ze strekken nog even de benen na een lange autorit. “Staat de camera al aan”, vraagt een van de briljante rechercheurs. “Nee”, is het antwoord maar achteraf zou blijken dat dat wel het geval was. Adema vraagt terwijl hij de beweging maakt van een schaar aan de OvJ: “Als ie met het juiste verhaal komt, kunnen we dan knippen”. De OvJ antwoord “Ja” . Het staat op band. Beeld en geluid. Arrogante en zelfverzekerde mensen worden doorgaans nonchalant. Zo ook hier. Is het normaliter zo dat de advocaat een kopie van de tape nagezonden krijgt, nu vraagt hij meteen om een exemplaar omdat “hij morgen met vakantie gaat”. Niet wetende wat er aan het begin toch is opgenomen wordt de tape één-op-één gekopiëerd, daar waar een dergelijke opname meestal nog even wordt nagelopen of gescreend, en meegegeven. Als de advocaat later de DVD nog eens wil zien valt zijn kunstgebit uit zijn mond bij het zien van de eerste twee minuten. Een kopie van de DVD ligt in een kluis bij een privé-detective in Leeuwarden, die heeft toegezegd dat bij verschijning van dit boek alle media welkom zijn om de beelden te bekijken. No further questions your honor. Justitie wist al in 2007 hoe de vork in de steel zat. Of beter gezegd, al op 1 mei 1999. Maar op deze beelden uit 2007 laten ze dat ook werkelijk zien. Wettig en overtuigend bewezen, noemen we dat maar even.
Nu ik inmiddels de verklaringen van de 3 getuigen heb gelezen en het filmpje met eigen ogen heb gezien kan ik het bijna niet bevatten. Dit zijn praktijken uit een film of een derderangs bananenrepubliek, zo rot had ik het niet hier in eigen land verwacht... Maar het is wat het is...
Dankbaar voor het oplossen van de moord op Marianne Vaatstra?
Om aanwezig te mogen zijn geweest bij de presentatie van deze snoeiharde KO-punch ben ik Dankbaar. Wie zullen er nog meer Dankbaar zijn voor het oplossen van de moord op Marianne Vaatstra?
Later deze week volgt deel 3 in deze reeks artikelen. Daarin zal ingegaan worden op Jasper S, advocaat Jan Vlug en de rol van de media. Zo'n media moment is voor mij de reden geweest om me überhaupt te gaan verdiepen in Wim Dankbaar en Marianne Vaatstra. Het is een moment waarop ik mijn kin van de grond moest rapen. Peter R. de Vries was te gaast bij De Wereld Draait Door en kwam iets bespreken over de Vaatstra zaak. Maar in plaats van inhoudelijk in te gaan op het aankomende boek van Dankbaar, brandde hij hem op nationale tv helemaal af. Volledig afgemaakt, met de grond gelijk gemaakt. Pure karaktermoord. Dit vond ik wel zó nors, dat ik me afvroeg wat die man (Wim Dankbaar) dan wel niet gezegd moet hebben dat PRdV deze karaktermoord legitiem acht?! Ik vond het zo absurd dat ik in ieder geval enige tijd of energie in het verhaal van Dankbaar wilde steken.
Wanneer ik iemand een ander op de persoon aanvalt in plaats van inhoud, dan is dat een drogreden. En wanneer ik dat bemerk dan wordt ik even geprikkeld daar een rood vlaggetje bij te planten. Maar dit gesprek van PRdV bij DWDD daar kwam het signaal aan de lopende band. Het lag er zo dik bovenop dat echt al mijn alarmbellen gingen rinkelen. Toen ik de term "complotdenker" hoorde was ik "om". En hierdoor ben ik gaan zoeken en heb ik vrij direct het boek gekocht. Wat dat betreft zou ik PRdV eigenlijk moeten bedanken, want zonder zijn absurde optreden op tv had ik het boek niet gekocht, had ik me niet in de zaak verdiept en zou ik nooit bij de boek presentatie geweest.
Alle lof daarvoor!
Maar als voorproefje op het mediacircus wat in deel 3 aan de orde komt, PRdV bij DWDD. Oordeelt u zelf:
Tijdens de presentatie werd bekend dat ook Peter R. de Vries reeds vanaf 2007 in bezit is van de explosieve beelden van Adema en Vos in het gesprek met Rachid! Laat dat ook maar even op u inwerken... En ook vandaag haalde hij uit naar het nieuw verschenen boek in de Leeuwarder Courant. Ik kan niet bevatten dat iemand van oprechte onderzoeksjournalistiek kan vervallen tot vazal roeptoeter van het OM. Wat is er gebeurd dat die omslag kwam? Was het een zak geld? Ik kan het me niet voorstellen. Ben je zelf chantabel? Of hebben "ze" je op een andere manier bij je spreekwoordelijke ballen? Zeg het maar...
Het heeft er in ieder geval niet de schijn van dat je Dankbaar bent voor het oplossen van de moord op Marianne Vaatstra.
Het boek
Goed, ik kocht dus een boek. Het was/is mogelijk om handtekeningen van de auteurs en een eigen tekst op pagina 7 van het boek te laten zetten. En om eerlijk te zijn was mijn citaat een beetje een gokje. Maar achteraf gezien blijkt het spijtig genoeg waarheid als een koe.
“Truth is stranger than fiction, but it is because Fiction is obliged to stick to possibilities; Truth isn't.”
- Mark Twain -
Het citaat waarmee ik dit artikel begin is ook zo'n tekst, welke tijdens de presentatie werd voorgelezen. Ik kreeg er kippenvel van.
"Maxima debetur puero reverentia."
Het grootste respect zijn wij verschuldigd aan een kind. Dit geldt ook voor Marianne!
In 2010 zond Eénvandaag drie afleveringen uit over de mogelijke dader van de moord op Marianne Vaatstra in 1999, die tot op dat moment uit handen van politie en justitie had weten te blijven. Ondanks dat er in 2012 een dader is opgepakt en veroordeeld, Jasper S., zijn er mensen die daar tot op heden over twijfelen of het eindresultaat resoluut terzijde schuiven. Het artikel wat eerder op De Grijze Duif werd geplaatst, De onmogelijke bekentenis van Jasper S., is daar een duidelijk voorbeeld van. Volgens onderzoeker Wim Dankbaar van Recht is krom is het een absurd idee dat Jasper S. de dader zou zijn, en wijst alles erop dat hij onschuldig is. De daders (ja, dat is meervoud) zijn al jaren bekend: Feik Mustafa en Ali Hassan.
Ergens midden april zal een boek van zijn hand in samenwerking met J Hans Mauritz verschijnen met de titel: "Het Verboden Dagboek van Maaike Vaatstra". Het voorwoord, een voorproefje en de inhoud van het boek zijn inmiddels hier te bekijken. Ondanks wat hobbels op de weg is het boek gewoon te koop bij onder andere Bol.com. Maar als u tot koop over wilt gaan is het wellicht leuker om het rechtstreeks bij de heren zelf te bestellen. Naast de handtekeningen van beide auteurs heeft u dan ook de mogelijkheid een persoonlijke boodschap in het boek te laten zetten.
In het licht van dit aankomende boek wil ik graag terug kijken op een drietal uitzendingen van Eénvandaag. Het geeft duidelijk weer dat politie en justitie reeds vanaf het begin het AZC had uitgesloten om de daders te zoeken. In de uitzendingen noemt een politie psycholoog het "tunnelvisie" en "paniekvoetbal". Persofficier van de politie Henk Mous stelt dat ze wel degelijk naar de juiste Ali Hassan hebben gezocht toen daar aanleiding voor was. Dat de juiste Ali in Turkije is aangehouden en op basis van DNA is uitgesloten als dader. Niet alleen onhoudbaar volgens Dankbaar, maar ook volgens Eénvandaag!
Dankbaar stelt in mijn ogen terecht dat ook Mous zelf weet dat hij nonsens verkoopt, want hij weet wie de juiste Ali Hassan is. Hij weet niet alleen wie Ali is, hij weet ook wie hem het land uit heeft gesluisd en hem verborgen heeft gehouden voor het gerecht. Hierdoor kun je zeggen dat Mous zich medeschuldig maakt aan obstructie van het onderzoek, het oplossen van de moord op Marianne Vaatstra. Dat is crimineel gedrag waar volgens Dankbaar niet alleen Mous zich schuldig aan maakt, maar velen met hem. Dit wordt uitgebreid toegelicht en onweerlegbaar onderbouwd in het aanstaande boek.
Hier een quote uit de transcriptie. De ultieme uitglijder van Mous, uit het tweede deel van Eénvandaag. Op pijnlijke wijze is zien hoe Mous zichzelf volledig klem praat en een schandalige wanprestatie levert op nationale televisie. Waarop de voiceover vraagt:
Justitie heeft in het onderzoek naar de onopgeloste moord op Marianne Vaatstra een verkeerde verdachte opgepakt en daarmee de mogelijke dader laten lopen. Dat blijkt uit onderzoek van het televisieprogramma EenVandaag. Meerdere getuigen zeggen dat de verdachte die justitie in 1999 op basis van hun verklaringen aanhield, niet de persoon is die zij bedoelden. Het OM houdt echter tot op de dag van vandaag vol wel de persoon te hebben aangehouden die door getuigen was beschreven, maar dat die onschuldig is omdat zijn DNA niet overeenkomt met dat van de dader.
De zestienjarige Marianne Vaatstra werd in de ochtend van 1 mei 1999 dood gevonden in een weiland in het Friese Veenklooster. Ze was verkracht, gewurgd en haar keel was doorgesneden. Juist dat laatste aspect deed velen in de omgeving er van overtuigen dat de dader gezocht moest worden in het nabijgelegen asielzoekerscentrum (AZC) in Kollum. Die gedachte werd versterkt toen bleek dat er in de nacht van de moord een asielzoeker uit het AZC was verdwenen. Het ging om een Ali, de vriend van de man die Marianne twee weken voor haar dood in een discotheek had bedreigd met een keeldoorsnijdend gebaar. De portier van die discotheek verklaart in EénVandaag dat Ali bij die bedreiging was en omschrijft hem als een ‘kleine gezette man’.
Heel andere Ali
Ook andere getuigen die Ali kenden, waaronder oud personeel van het AZC dat nu voor het eerst met de media praat, omschrijven hem als een kleine dikkere man. Op basis van hun verklaringen over Ali en zijn plotselinge verdwijning na de moord hield de politie in oktober 1999 een Ali H. in Turkije aan. Na DNA onderzoek werd hij vrijgelaten omdat zijn DNA niet overeenkwam met het DNA van de dader. Kort na zijn vrijlating gaf de in Turkije aangehouden Ali H. een interview aan de televisiezender SBS. Voor veel getuigen een grote schrik want de man die was aangehouden bleek een heel andere Ali te zijn dan de Ali die zij bedoelden. De aangehouden Ali was veel langer en slanker dan de Ali waarover zij bij de politie verklaringen hadden afgelegd. Diverse personeelsleden van het AZC, waaronder een leidinggevende, stellen bovendien in EénVandaag de aangehouden Ali H. uit Turkije helemaal niet te kennen en nooit te hebben gezien in het AZC Kollum.
Nieuw onderzoek
Verschillende getuigen hebben dit destijds meteen bij de politie gemeld maar voelen zich tot op heden niet serieus genomen. Het Openbaar Ministerie houdt vol de juiste persoon te hebben aangehouden. “Wij hebben op dit moment geen aanleiding om te vermoeden dat het niet de juiste Ali zou zijn”, aldus persofficier Henk Mous. Toch houdt het OM naar aanleiding van de uitzending het ‘Ali-verhaal’ tegen het licht in een nieuw onderzoek. “We zijn bezig om dit voor eens en altijd duidelijk te krijgen”, zegt Mous. Over de verklaringen van getuigen in EénVandaag (negen in totaal) dat justitie een andere man heeft aangehouden dan de man waar zij over verklaarden zegt de persofficier: “Ik zie dit als een tip, bepaalde informatie die nagelopen dient te worden en daar zijn we nu mee bezig”.
Er is sprake van tunnelvisie en paniekvoetbal in het onderzoek naar de moord op Marianne Vaatstra. Dat zegt voormalig politiepsycholoog Harrie Timmerman vanavond in het televisieprogramma EénVandaag. Hij reageert hiermee op het verhaal van diverse getuigen over een cruciale fout van het Openbaar Ministerie waardoor de mogelijke dader nooit is opgespoord. Volgens Timmerman is “de informatie die het OM en de politie geeft onbetrouwbaar”. Timmerman legde eerder al de onderzoeksblunders bloot in de Schiedammer parkmoord.
De zestienjarige Marianne Vaatstra werd in de ochtend van 1 mei 1999 dood gevonden in een weiland in het Friese Veenklooster. Ze was verkracht, gewurgd en haar keel was doorgesneden.
Verkeerde Ali
Diverse getuigen verklaarden dat er in de nacht van de moord een kleine dikke Ali spoorloos was verdwenen uit het nabijgelegen asielzoekerscentrum (AZC) in Kollum. Deze Ali had bovendien Marianne twee weken daarvoor samen met een vriend bedreigd met een keeldoorsijdende beweging. Justitie hield een half jaar na de moord een lange slanke Ali aan en stelt dat dit de man is waar getuigen over hadden. De getuigen meldden de politie echter meteen dat deze man niet de Ali was waarover zij hadden verklaard, omdat die klein en dik was. Ook liet personeel van het AZC Kollum gisteren in EénVandaag weten de aangehouden man nooit te hebben gezien en niet te kennen van het AZC.
Onbetrouwbaar
Justitie laat weten het verhaal te onderzoeken, maar tot op heden geen twijfels te hebben of de juiste verdachte destijds is aangehouden. Timmerman vindt dit onbegrijpelijk. “Dat is geen goede insteek. Men is zo overtuigd van het eigen gelijk dat wanneer het tegendeel zou worden aangetoond, men helemaal verstart en een houding heeft van ‘het kan niet’ en ‘het is onmogelijk’. En dan worden allerlei redeneringen daarvoor bedacht.” Volgens Timmerman moet de informatie van het OM dan nu ook niet zonder meer geloofd worden. “Wanneer er kritiek komt van buiten dan heb je dus die paniekreactie en dan geeft men allerlei onbetrouwbare informatie”.
De analyse van justitie dat de moordenaar van Marianne Vaatstra op basis van DNA-onderzoek een blanke West-Europeaan moet zijn, is onterecht. Dat stellen deskundigen in EénVandaag. Over de etnische afkomst van de dader is veel te doen geweest omdat de lokale bevolking de dader zocht in het nabijgelegen asielzoekerscentrum. Justitie nam de onrust weg door te melden dat de dader een blanke West-Europese man was.
De zestienjarige Marianne Vaatstra werd in de ochtend van 1 mei 1999 dood gevonden in een weiland in het Friese Veenklooster. Ze was verkracht, gewurgd en haar keel was doorgesneden. Op haar lichaam aangetroffen DNA-dadersporen werden onderzocht op etnische afkomst door het Nederlands Forensisch Instituut. Op basis van dat onderzoek bracht het OM naar buiten dat de dader een blanke West Europese man was. Veel te kort door de bocht menen deskundigen. En ook het NFI zelf maakt belangrijke nuances.
Onverstandig
“Nationaliteit, waar iemand vandaan komt en hun genentype, het loopt allemaal door elkaar heen”, aldus hoogleraar rechtspsychologie Peter van Koppen. “In recherchetechnisch opzicht kun je hier niet je onderzoek door laten leiden, heel onverstandig”. Ook het NFI zelf brengt belangrijke nuances aan; “Er moet altijd rekening worden gehouden met de mogelijkheid dat iemand met een West-Europees DNA profiel niet persé geboren hoeft te zijn in West Europa. Ook hoeft diegene niet persé bank te zijn” laat het NFI weten aan Eénvandaag. Ook rechtsfilosoof Ton Derksen zet vraagtekens: “Men gaat er vanuit dat asielzoekers geen West-Europese genen zouden hebben. Dat is een vooronderstelling die niet blijkt te kloppen”.
Nieuw onderzoek
Het is niet de eerste kritiek op het onderzoek naar de moord op Marianne Vaatstra. Afgelopen vrijdag stelden meerdere getuigen in EénVandaag dat justitie een andere man heeft opgepakt dan de verdachte waar zij over hebben verklaard. Tot hun frustratie wil justitie echter niet naar hen luisteren. Op dit moment kijkt er een cold case team van de Politie Friesland naar de zaak. Peter van Koppen heeft hier weinig vertrouwen in; “Twee mannen die in hun vrije tijd af en toe naar deze zaak kijken, dat wordt in Friesland een coldcase team genoemd, wij in het westen noemen dat geen coldcase team.” Ton Derksen wil dat er een nieuw onderzoek komt door een nieuw team; “Een oud team is levensgevaarlijk omdat die bij hun oude denkbeelden blijven. Dat is niet iets wat je ze kwalijk kunt nemen maar dat gebeurt gewoon. Een nieuw team is nodig omdat die fris naar de zaak blijft kijken.”
Recht is krom:
Na verschijning van Het verboden dagboek van Maaike Vaatstra zullen de uitzendingen van Eén Vandaag van maart 2010, bijna vier jaar geleden, al dan niet middels een compilatie, ongetwijfeld herhaald worden. De commentaren en duidingen van de beide auteurs van ‘Het verboden dagboek van Maaike Vaatstra’ zijn cursief gedrukt.
Eerste uitzending van 5 maart 2010:
Presentator: Justitie heeft geblunderd in het onderzoek naar de moord op Marianne Vaatstra. De politie is een half jaar na de moord achter de verkeerde verdachte aangegaan. En hierdoor is een veel serieuzere verdachte buiten schot gebleven. Dat verklaren verschillende getuigen tegenover Eénvandaag.
Maaike Terpstra: Hoe lang heeft het geduurd? Je blijft met zo vreselijk veel vragen zitten. Maar ze zijn er elke dag….elk moment.
Voice Over (VO): Maaike Terpstra en Bauke Vaatstra. Elf jaar geleden werd hun dochter vermoord. Tot op de dag van vandaag strijden ze voor het vinden van de moordenaar die volgens hen nooit gevonden mocht worden. Twee weken voor de moord werd Marianne in een plaatselijke kroeg bedreigd door twee asielzoekers, Ali en Feik. Ze maken keeldoorsnijdende gebaren. Voor de omgeving is het duidelijk waar de daders gezocht moeten worden. En toch wordt er niet meteen zichtbaar onderzoek gedaan.
Inderdaad niet zichtbaar werden Ali en Feik meteen door justitie weggesluisd. Ali via het grenshospitium Amsterdam naar Noorwegen en Feik naar het AZC Musselkanaal.
Officier van Justitie Roelof de Graaf: Wij hebben voortdurend tegen een bepaalde beeldvorming moeten vechten. En dat is dat de dader een asielzoeker was. En misschien is het zo, misschien is het niet zo. We weten het niet. We weten het pas op het moment dat hij is aangehouden en is veroordeeld.
Een Freudiaanse verspreking van De Graaf die de ware insteek van justitie toont. Want waarom zou je “moeten vechten” tegen de beeldvorming dat de daders asielzoekers zijn? Bovendien had justitie zelf aan die beeldvorming bijgedragen door een internationaal opsporingsbevel naar Ali Hassan uit te vaardigen.
Maaike Terpstra: “Er zijn rechercheurs uit het onderzoek die gezegd hebben: Wij wisten ook wel welke kant we op moesten, maar we mochten niet van hogerhand”.
Dat geeft de ware insteek van justitie nog maar eens weer: ‘Hogerhand’ wist wie de daders waren maar dat mocht voor geen enkele prijs naar buiten komen.
Roelof de Graaf: Los van de personen die interessant zijn geweest op het asielzoekerscentrum, zijn er geen aanwijzingen geweest dat de dader daar gezocht moest worden.
Schaamteloze en keiharde leugen van De Graaf. De als agressief bekend staande Ali Hassan had Marianne met een keeldoorsnijdend gebaar bedreigd, was na de moord niet teruggekeerd op het AZC en werd later door Justitie internationaal gesignaleerd. Hoezo geen aanwijzingen?
VO: Onbegrijpelijk voor de dorpsbewoners. Het leidt tot een eiergooi-incident in Kollum. De storm van kritiek op de handelwijze van justitie neemt toe. Diverse rechercheteams, grootschalig DNA onderzoek dat tot niets leidt en aanwijzingen die niet goed onderzocht zouden zijn. En dan de zoektocht naar de asielzoekers die Marianne bedreigden. En dit zou wel eens het onderzoekspunt kunnen zijn waar justitie faliekant de fout in is gegaan.
Presentator: Ja, volgens meerder cruciale getuigen die na elf jaar hun stilzwijgen doorbreken, is het vanaf dat moment misgegaan. De politie concentreerde zich simpelweg op de verkeerde verdachte.
De getuigen doorbreken hun stilzwijgen niet, zij hebben vanaf het begin alles gemeld aan justitie. De juiste stelling is dat justitie deze getuigen stil gezwegen heeft.
VO: Het voormalige asielzoekerscentrum De Poelplaats in Kollum ligt er nu verlaten bij. Hier zaten de asielzoekers Ali Hassan en Feik Mustafa.
Interviewer: Kende je ze goed?
Woordvoerder: Redelijk. Van het sporten. Ze werden opgehaald voor het voetbal.
VO: Oud beveiliger ‘Rob’ spreekt hier namens vier andere medewerkers van het voormalige AZC in Kollum. Hij vertelt over asielzoekers Ali en Feik. De Ringo bar in Kollum. Hier bedreigde het tweetal Marianne Vaatstra vlak voor haar dood met keeldoorsnijdende gebaren. Oud portier Bertus was erbij.
Bertus: Op gegeven moment staan er twee AZC’ers Marianne te bedreigen met een keeldoorsnijdend gebaar. Ik zag dat, ik heb gelijk de buitendeur dichtgedaan en ben naar die AZC’ers toegelopen en heb gevraagd: Wat is het probleem?
VO: Na de moord werd van Feik DNA afgenomen, wat hem uitsloot als dader. Ali Hassan verdween volgens de beveiligers spoorloos en keert nooit meer terug naar het AZC. De verklaring van een oud minister van justitie luidt als volgt: “Twee beveiligingsbeambten van het AZC in Kollum hebben verklaard dat in de nacht van 30 april op 1 mei 1999 een groep bewoners het terrein verliet. Toen de groep tussen 3:30 en 4:00 uur terugkwam was Ali H. niet aanwezig. Onder andere op grond van de verklaringen van deze beveiligingsbeambten werd H. als verdachte in de zaak Vaatstra aangemerkt.” Reden voor justitie dus om Ali Hassan op te sporen. Tot zover een logisch verhaal. Na acht weken speuren vinden ze Ali Hassan, in Turkije. Ali wordt in de boeien geslagen, terwijl justitie eigenlijk dan al weet dat hij de dader niet kan zijn.
Dat DNA afname iemand al dan niet uitsluit als dader, is het begin van de hersenspoeling van het publiek. Elke sukkel begrijpt dat als Feik Marianne niet verkracht heeft, maar bijvoorbeeld zijn vriend Ali, hij even goed Marianne de keel kan doorgesneden hebben. En andersom natuurlijk. Deze ‘truc’ is door justitie oneindig vaak herhaald. Matchte het DNA van een verdachte niet met het DNA van het sperma dan was hij niet de dader.
Officier van Justitie Roelof de Graaf: Wij hebben tijdens het onderzoek ook gehoord dat hij tijdens de moord en de week voorafgaand aan de moord niet in Friesland was. Dus voor ons werd hij steeds minder interessant. Zoals gezegd, door de media was hij gebombardeerd tot hoofdverdachte, als dader, en ik heb die druk als zodanig aangevoeld dat ik niet meer kon zeggen: Hij is voor mij niet meer interessant en we laten hem lopen.
Logisch dat hij niet interessant was. Het was immers niet de Ali die de vriend van Feik was en direct door justitie naar Noorwegen is gesmokkeld.
Interviewer: Dus u heeft zich laten leiden door de publieke opinie?
De Graaf: Ja, ik ben nu heel eerlijk, en ik zeg dat nu ook voor het eerst, maar dat is wat er gebeurd is.
VO: De Graaf wordt na de uitzending door het ministerie van justitie op het matje geroepen en neemt zijn uitspraken terug. Na DNA onderzoek blijkt dat Ali Hassan, opgespoord in Turkije, inderdaad niet de dader is. Hij zou niet eens in Kollum zijn geweest tijdens de moord. Hij verschijnt in een uitzending van SBS6.
Ali Hassan in SBS6 uitzending: Ik wil het weten! Wie heeft me dit in de schoenen geschoven en waarom? Ik ga een claim indienen. Ik wil mijn recht!
VO: Naar buiten toe wordt door justitie gesteld dat Ali Hassan niet betrokken is bij de moord op Marianne Vaatstra. En dat klopt! Althans niet deze Ali Hassan! Wanneer beveiligers van het AZC Kollum de uitzending zien, zijn ze met stomheid geslagen. Want over één ding zijn ze het eens.
Woordvoerder Rob: De Ali op de TV opname van SBS6, dat is niet de Ali die wij kennen van Kollum!
VO: Maar hoe kan dat? Deze beveiligingsbeambten hadden immers zelf verklaard dat het Ali Hassan was die niet terugkeerde naar het AZC. Bij navraag blijkt dat ze een andere Ali bedoelden.
Rob: Nou de Ali vans SBS6 is wel 1.85 -1.90 m, een lang postuur. Maar het is niet de Ali die wij kennen van Kollum.
Interviewer: In Turkije werd gezegd: Hij was niet in Nederland ten tijde van de moord?
Rob: Nou, dat geloof ik.
Interviewer: Maar de Ali die jullie kenden?
Rob: Die was wel in Kollum. Eén van de beveiligers heeft zijn hand nog opgestoken toen Ali wegreed op de fiets met een groepje asielzoekers.
VO: Een goede vriendin van Marianne verklaart het volgende: “Ali was klein en gezet. Ik ben hem op 30 april ‘s middags nog tegengekomen in het centrum van Kollum.” Ook zij ziet de uitzending van SBS6 gezien en verklaart: “Justitie heeft een andere Ali in Turkije opgepakt. Toen ik het interview met SBS zag, wist ik het meteen.”
Ook Bertus, de portier die bij de bedreiging van Marianne was, beschrijft een andere Ali: “Ja, een beetje pafferig, ik schat 1.50-1.60m.” Ook een vrijwilligster uit het AZC Kollum, die hielp bij de kinderopvang, kende Ali Hassan en omschrijft hem als volgt: “Ali was een kleine dikke man. Hij was onverzorgd en droeg vieze kleding. Hij sprak slecht Nederlands en Engels. Als hem iets niet aanstond, maakte hij dat op een agressieve manier duidelijk.” Uit verklaringen van oud beveiligers en diverse getuigen mogen we dus concluderen dat het hier om twee verschillende Ali Hassans gaat.
Volgens justitie zou ook de Ali uit Turkije in het AZC van Kollum hebben gezeten, maar een anonieme bron vanuit de leiding van het AZC laat ons weten: “Niemand van de medewerkers herkent de door justitie aangehouden Ali. Volgens de medewerkers heeft hij niet in het centrum gewoond.” Afgaande op verklaringen van oud beveiligers en diverse getuigen kunnen we niet anders concluderen dat justitie achter de verkeerde Ali is aangegaan. En de Ali die wel in Kollum was ten tijde van de moord is vooralsnog spoorloos.
Interviewer stelt vragen aan persofficier Henk Mous: Als we kijken naar het hele onderzoek, is justitie er dan vanuit gegaan dat er wel eens twee Ali’s zouden kunnen zijn?
Henk Mous: Uuh, Justitie heeft zich steeds op het standpunt gesteld dat er een Ali was waarvan gezegd werd dat die niet teruggekeerd zou zijn op het AZC op de avond voorafgaand aan de moord. Ali Hassan. Daar is vervolgens een heel onderzoek op ingesteld, wat uiteindelijk heeft geleid tot de aanhouding van die Ali in Turkije.
VO: Volgens eigen zeggen hebben de oud beveiligers meerdere malen melding gemaakt van het feit dat de gearresteerde Ali in Turkije niet de Ali was die zij kenden van het asielzoekerscentrum in Kollum.
Interviewer: Wat voor dingen hebben jullie aangegeven?
Woordvoerder Rob: Meerdere jongens zijn bij justitie geweest om het verhaal nog een keer te vertellen.Maar het eerste wat gezegd werd was: Hoe ben je hier, op de fiets? Nou, ga dan eerst maar eens je DNA afstaan. Je kan het net zo goed zelf gedaan hebben!
Dis is tekenend en symptomatisch voor de behandeling van getuigen die met voor justitie onwelgevallige informatie komen.
VO: Voor de vader van Marianne is wat de oud beveiligers nu naar buiten brengen niet nieuw. Volgens hem is er sprake van tunnelvisie waardoor er nooit serieus onderzoek is gedaan naar een tweede Ali.
Bauke Vaatstra: Het was algemeen bekend, maar ze hebben het altijd ontkend bij het Openbaar Ministerie. Ze wisten direct dat al dat het niet de goede was. Maar tot nu toe houden ze nog altijd vol: we hebben de goeie gehad!
Henk Mous: Als het zo zou zijn, en wij hebben op dit moment geen reden om daaraan te twijfelen, dat er nog een tweede Ali zou zijn, en dat er ook niet van de juiste Ali vingerafdrukken en DNA is afgenomen, dan gaan we daarmee aan de slag.
Interviewer: Nu zijn er beveiligers die hebben dit al veel eerder gemeld en die zeggen: Wij zijn nooit serieus genomen. Er is een andere getuige die ook al vaker heeft gezegd: De Ali van de uitzending van SBS6 is niet de Ali die wij kenden. Want dat was een klein mannetje van 1.60 m. Waarom is daar nooit eerder iets mee gedaan? En waarom gaat justitie nu pas de mogelijkheid onderzoeken of er geen tweede Ali kan zijn?
Henk Mous: Ja, daar kan ik nu niet gelijk een antwoord op geven. Ik weet in ieder geval dat deze verhalen vaker naar boven zijn gekomen.
Interviewer: Waarom is het niet eerder onderzocht?
Henk Mous: Uhm, ja, dat durf ik niet aan te geven, kan ik niet aangeven. Ik weet ook niet wanneer ze het precies aangegeven hebben en in hoeverre de informatie die ze aangegeven hebben al niet eerder uitgezocht is.
Woordvoerder Rob: Ja, die frustratie is al van jaren terug natuurlijk. Voor mij is het minder belangrijk. Ik zit hier alleen om nog een keer aan te geven wat er gebeurd zou kunnen zijn. In principe voor de moeder van Marianne. Want daar is het natuurlijk belangrijk voor dat het nog een keer opgelost kan worden.
Bauke Vaatstra: Ik zal niet zeggen dat hij de moordenaar is, dat weten we niet, maar dat ze er nooit meer ingestoken hebben dan tot nu toe, dat vind ik ergerlijk.
Tweede uitzending van 6 maart 2010:
Presentator: Vanavond in onze uitzending Marianne Vaatstra: Rechercheurs hadden tunnelvisie waardoor een belangrijke verdachte kon ontkomen. De verdachte waar de getuigen het over hebben zou overigens in een Noorse cel hebben vastgezeten. Dat zegt een Nederlander die daar zijn cel met hem heeft gedeeld.
Tunnelvisie is verre van het juiste woord. Hier is sprake van pure misdrijven, gepleegd door justitie zelf.
Interviewer: Gerrit, jij zat in Noorwegen vast. Waarom?
Gerrit Veldman: Voor hasjsmokkel. Daar ben ik gepakt in maart 1997. Daar heb ik gezeten tot 2000.
VO: We schrijven juli 1999. Gerrit Veldman zit dan twee jaar vast in Noorwegen en krijgt in de cel naast hem een nieuwe buurman: Ene Ali.
Gerrit Veldman: Het was een Irakees. Zijn moeder was Irakees en hij beweerde dat zijn vader een Amerikaan was, een hoge officier in het leger. Dat is wat hij mij vertelde. Hij wist dus niet dat ik een Hollander was. Maar op een gegeven momnet vroeg hij dus: Kom je uit Noorwegen? Nee, ik kom uit Holland. Daar schrok hij van. En toen werd hij ook een beetje terughoudend. Ik vroeg: Wat heb je gedaan in Holland? Maar dat ging allemaal gebrekkig, want Engels spreken kon hij zowat niet.
VO: De nieuwe gevangene ontloopt hem, maar zoekt later toch weer contact.
Gerrit Veldman: Op een gegeven moment komt hij met een zakagenda aan en liet hij mij adressen zien. Plaatsen waar ik nog nooit van gehoord had: Kollum en Zwaagwesteinde.
VO: In de gevangenis krijgt Gerrit regelmatig bezoek van Rode Kruis medewerker Anton Holleboom die al 20 jaar in Noorwegen woont en met wie hij nog regelmatig via Skype contact heeft.
Gerrit: Ik kreeg daar af en toe een krant en daar stond het verhaal in van Marianne Vaatstra. En ik kreeg van die man zo’n rare smaak in mijn mond dat ik tegen Holleboom zei: Holleboom, ik krijg het idee dat hij daarmee te maken heeft. Ik heb aan die Irakees gevraagd waarvoor hij zat. Daar draaide hij omheen. Ik zeg: Je hebt toch wel een papier gehad? Nou, in ieder geval kwam hij met die dagvaarding aan. Hij denkt: Die kan jij toch niet lezen. Die dagvaarding was in het Noors. Maar op dat moment was Holleboom bij me.. Dus ik zeg tegen Holleboom: Alsjeblieft, wat staat daar?
VO: Op de dagvaarding was volgens Holleboom te lezen dat Ali op 5 mei Noorwegen was binnengekomen. Maar dat was nog niet alles.
Anton Holleboom: In de dagvaarding stond dat hij auto’s had vernield, in de stad Arndal in het centrum en ook dat hij een vrouw had bedreigd met een mes, op zo’n manier dat hij een beweging maakte naar de keel van die vrouw.
Gerrit Veldman: Ik denk dat hij zo’n 1.60 m was. Pafferig, onverzorgd. Het leek wel of het mannetje ook niet goed bij zijn hoofd was. Die indruk kreeg ik van hem.
VO: Gerrit zag pas onlangs de uitzending van SBS6. Hij nam contact op met de journaliste die de Ali uit Turkije had geïnterviewd.
Gerrit Veldman: Ze zegt: Wat wilt u weten? Ik zeg: Hoe groot is die man? Ze zegt: 1.90 m ongeveer. Toen zei ik: 1.90 m? Maar die bij mij gezeten heeft is 1.60 m.Toen was ze ook heel verbaasd. Ze zei: Dit kan niet! Ik wil weten wie er bij jou gezeten heeft. Ik zei: Ja, dat begrijp ik.
Anton Holleboom: Ik durf mijn hand in het vuur te steken dat deze man niet 1.80 of 1.90 was, want hij was veel kleiner dan ik. Ik keek naar beneden, hij kwam nog niet verder dan mijn schouder. En ik ben 1.80.
Henk Mous: Het verhaal van Veldman die het erover had dat naast hem iemand zat in de cel die zou lijken op de Ali H., dat hebben wij kunnen verifiëren. Dat hebben wij kunnen nagaan dat dat niet Ali H. is. We weten ook wie het wel was en we weten ook voor 100% zeker dat op de dag van de moord op Marianne, die persoon vastzat in de Noorse cel.
Hoe is dat mogelijk als op de dagvaarding stond dat hij op 5 mei Noorwegen binnenkwam? De moord op Marianne was op 1 mei. Weer een leugenachtige bewering van Mous die op geen enkele wijze gestaafd wordt.
VO: Maar de vraag rijst of dit werkelijk zo is en of er nu echt naar de goede persoon is gerechercheerd. Volgens Rode Kruis medewerker Anton Holleboom was op de dagvaarding van de Irakees immers te lezen dat de man op 5 mei Noorwegen binnen kwam. Dat is vijf dagen na de moord op Marianne.
Henk Mous: Ik weet niet waar hij dat op baseert, over welke man hij het dan heeft.
Interviewer: Op de Irakees die in de cel zat naast Gerrit Veldman.
Henk Mous: Ja nou, dat zou dus heel goed kunnen omdat het niet die Ali H. is. En ik denk dat op de dagvaarding ook niet gestaan zal hebben dat hij op 5 mei het land is binnengekomen, want in een dagvaarding staat meestal wanneer het uitgereikt is of wanneer het strafbare feit is begaan.
Afleidend geklets van Mous. Op een dagvaarding kan heel goed staan wanneer een verdachte het land is binnengekomen. Bovendien beschreef het document ook de gepleegde strafbare feiten precies zoals een dagvaarding dat ook doet. De vraag of het nu een dagvaarding was of een andersoortig document doet ook helemaal niet ter zake. Let vooral op de gezichtsuitdrukking van Mous. Hij heeft het niet breed. Zit er echt mee omhoog en maakt zich duidelijk zorgen: hoe lul en lieg ik me hier uit.
Interviewer: Maar als het gaat om de datum waarop een strafbaar feit is begaan, had hij dus nooit vast kunnen zitten.
Henk Mous: Hij had op het moment van de moord op Marianne zeker wel vast kunnen zitten, het zou alleen kunnen betekenen dat hij daarna wederom een strafbaar feit heeft gepleegd.
Interviewer: Hebben jullie van die man DNA afgenomen?
Henk Mous: Nee, maar daar is ook geen enkele aanleiding voor om daar verder op door te gaan. Let op! Straks wordt duidelijk dat Mous eerder beweerd heeft dat van deze man wél DNA is afgenomen. Eén van beide beweringen moet dus een glaszuivere leugen zijn. Waarom, meneer Mous. Waarom?
VO: En dat is vreemd! In een uitzending van vijf weken geleden reageert het OM op een artikel waarin verwezen wordt naar de man die naast Gerrit Veldman in de Noorse cel zat. En stelt Mous dat er van deze man wél DNA is afgenomen.
Henk Mous in de betreffende uitzending van 5 weken geleden: De Ali die genoemd wordt in het artikel waarin verwezen wordt naar de getuige Veldman, waarin hij ook Ali noemt, die persoon Ali hebben wij al als verdachte uitgesloten middels DNA.
Let op! Mous bevestigt dus dat de man in de Noorse cel Ali heette. Precies zoals de destijds gezochte hoofdverdachte.
Interviewer: Op 23 januari van dit jaar heeft u voor GPTV verklaard dat de Ali van getuige Veldman uitgesloten was op basis van DNA onderzoek. Hoe kan dat dan?
Henk Mous: Ja, omdat de Ali H. waar hij op doelt, dat is uiteindelijk de Ali H. die in Turkije is aangetroffen.
Interviewer: Maar u zegt dus in die uitzending: De Ali van getuige Veldman. Dan bedoelt u dus de man die in de Noorse cel zat?
Henk Mous: Nee, dat bedoel ik niet, dat bedoelt de getuige Veldman! De getuige Veldman bedoelt: Dat is mogelijk de Ali H. die ik gezien heb! Die Ali H. hebben wij middels DNA uitgesloten in Turkije.
VO: Aha! Dus volgens het OM is de Ali H. die justitie arresteerde in Turkije, een man van 1.90, dezelfde man als die Noorwegen in de cel zat met een lengte van 1.60. En net hoorde we van de persofficier dat de man die bij Gerrit Veldman in de cel zat geen Ali H. heet en een totaal en een totaal andere persoon is dan degene die ze in Turkije hebben aangehouden. Snapt u het nog?
Wat wij snappen is dat Mous zich hier gigantisch klem lult. Verstrikt raakt in zijn eigen web van leugens. De in oktober ’99 opgepakte man in Turkije zou volgens Mous dezelfde man zijn die twee maanden eerder bij Gerrit in de Noorse cel zat. Duh? Terwijl Mous eerder nog beweerde dat dit niet de gezochte Ali H. was en tijdens de moord op Marianne vastzat. Maar is deze kleine Noorse Ali dezelfde man geworden als de lange Turkse Ali, die niet vastzat tijdens de moord op Marianne. In de sprookjeswereld van Mous is alles mogelijk.
Let wel: Gerrit Veldman heeft later zijn celgenoot Ali herkend op de foto van de echte Ali, de Ali die op zaterdag 1 mei 1999 niet meer is teruggekomen in het AZC en dus niet de Ali die door SBS6 (lees: het OM) als de echte Ali werd opgevoerd. Die nep-Ali heeft niet bij Gerrit in Noorwegen in een cel gezeten.
Interviewer vraagt aan politiepsycholoog Harrie Timmerman: Nu zijn er van het OM de afgelopen maand veel tegenstrijdige verklaringen gekomen. Het ene moment zeggen ze dit, het ander moment zeggen ze dat. Wat zegt dat?
Harrie Timmerman: Nou, dat noemen we paniekvoetbal. Men is zo overtuigd van het eigen gelijk dat wanneer zou wordt aangetoond dat dat niet zo is, dat men helemaal verstard en dan worden allerlei redeneringen bedacht waarom dat dan zo zou zijn.
Lees leugens in plaats van redeneringen.
Interviewer: Hoe betrouwbaar is de informatie van het OM dan nog?
Harrie Timmerman: In dit soort situaties is het uiterst onbetrouwbaar.
Bauke Vaastra: Er zijn zoveel dingen verteld die niet waar waren. Noem maar op! Op een gegeven moment begin je zo’n anti-gevoel te krijgen. En dan zeggen ze : Je moet ons vertrouwen! Vertrouwen moet je verdienen! En dat verdien je niet door ons leugens te vertellen en dergelijke.
Henk Mous: Als het zo zijn , en wij hebben op dit moment geen reden om daaraan te twijfelen, dat er nog een tweede Ali zou zijn, en dat er ook niet van de juiste Ali vingerafdrukken en DNA is afgenomen, dan gaan we daarmee aan de slag. En ik kan u aangeven dat we daarmee al aan de slag zijn.
Inderdaad: Er werd al hard gewerkt aan het dikke leugenrapport “Onderzoek Ali H.” zoals het OM dat, in een ultieme poging om met een mega-leugen en nog groter bedrog de schade te beperken, op haar eigen website met veel aplomb publiceert. In dat rapport wordt overigens gesteld dat de Turkse Ali en de Noorse Ali wel weer twee verschillende personen zijn. In tegenspraak dus met wat Mous eerder stelde.
Interviewer vraagt aan Harrie Timmerman: Nu gaan ze wel opnieuw onderzoek doen, maar ze zeggen: We zijn ervan overtuigd dat we de goeie hebben gepakt. Wat zegt dat over de betrouwbaarheid van het onderzoek dat ze gaan doen?
Harrie Timmerman: Ja dat is geen goede insteek. Dat komt door die houding die man heeft van: Ik weet alles al! Wat je daartegen kunt doen is zeggen: We gaan nu een nieuw team maken die dit aspect van de zaak tot op de bodem gaat uitzoeken.
VO: En zo zijn we weer teurg bij het begin: Een Ali die opgepakt is in Turkije, die de dader niet is, en een Ali uit Kollum. Nog steeds spoorloos.
Bauke Vaatstra: Om met zo’n justitie samen te werken, terwijl ze al acht jaar weten dat het hem niet is, daar kan je niet mee samenwerken. Dan zullen we het wel zelf moeten doen.
Uitzending 8 maart 2010 (slotstuk) met belangrijke verhandeling (Van Koppen en prof Derksen) over DNA-onzin
Presentator: Zo meteen in onze uitzending: DNA. Nieuwe inzichten over DNA in de zaak Vaatstra. Goedenavond! Er rijzen steeds meer twijfels rond het onderzoek naar de moord op Marianne Vaatstra. Afgelopen weken liet Eén vandaag al zien dat Justitie volgens getuigen het vizier op de verkeerde verdachte heeft gericht. Vandaag staat wederom een belangrijke conclusie van het Openbaar Ministerie ter discussie. Uit het DNA onderzoek zou volgens het Openbaar Ministerie zijn gebleken dat de dader een West Europese blanke man is. Uit onderzoek van Eén vandaag blijkt nu dat deze bewering geen stand houdt.
Voice over: Wie vermoorde Marianne Vaatstra? Elf jaar geleden werd ze gewurgd en verkracht teruggevonden in een weiland, haar keel doorgesneden. Het enige spoor naar de dader: DNA resten op haar lichaam. Op basis van dat DNA trok Justitie toen één conclusie: Het kan alleen maar een blanke West Europeaan zijn geweest. Nu blijkt dat helemaal niet zo zeker.
Professor Peter van Koppen: De nationaliteit, waar mensen vandaan komen en hun genotype, dat loopt allemaal door elkaar heen. Dus je kan nooit op basis van dit DNA onderzoek zeggen: Wij gaan alleen maar onderzoek doen naar een Nederlander.
Voice over: Het Openbaar Ministerie heeft verkeerde conclusies getrokken uit het DNA onderzoek. De moordenaar van Marianne hoeft niet per se een West Europeaan te zijn. En dat kan in deze moordzaak cruciaal zijn. Want vanaf het begin wijzen veel getuigen naar een nabijgelegen asielzoekerscentrum. Naar een Irakees:
Professor Ton Derksen: Men ging ervan uit dat asielzoekers geen West Europese genen zouden hebben. Dat is een vooronderstelling die blijkt niet te kloppen. Misschien is het wel redelijk om dat te denken maar in zo’n belangrijke zaak moet je natuurlijk heel voorzichtig zijn en ook rekening met de mogelijkheid houden dat er op één of andere manier gewoon Westerse genen zijn ingeslopen. Voice over: Terug naar 1999: Medewerkers van het asielzoekerscentrum vertellen de politie dat één bewoner spoorloos is verdwenen. Deze asielzoeker komt ook terug in andere getuigenverklaringen. Eerder in een disco zou hij met een vriend Marianne hebben bedreigd met keeldoorsnijdende bewegingen. De getuigen spreken over een kleine, gedrongen Ali. Justitie gaat op zoek en houdt ook een Ali aan. Maar deze Ali is slank, lang en getuigen kennen hem niet. Wanneer zijn DNA niet overeenkomt met dat van de dader, is voor Justitie de kous af. Er wordt niet meer gezocht naar een asielzoeker want dat DNA is toch van een Europeaan. Een fout volgens kenners, want zoiets kun je nooit met zekerheid zeggen.
Professor Van Koppen: Je kan zeggen: De kans is iets groter dat het iemand uit Noord Afrika is dan iemand uit West Europa. Of de kans is iest groter dat het iemand uit Ijsland is dan iemand uit Engeland. Het is een hele onverstandige keuze om te zeggen: Het DNA laat zien dat het iemand uit West Europa is, dus we doen alleen maar onderzoek naar een West Europeaan. Heel onverstandig. Voice over: Hoogleraar Peter van Koppen is niet de enige die vindt dat Justitie te kort door de bocht is gegaan. Ook het Nederlands Forensisch Instituut dat zelf het onderzoek heeft gedaan, geeft een belangrijke nuance: “Er moet altijd rekening worden gehoudn met de mogelijkheid dat iemand met een West Europees DNA profiel niet per se in West europa geboren hoeft te zijn. Hij hoeft niet per se blank te zijn.”
Professor Ton Derksen: DNA is een heel indrukwekkend middel, maar juist daardoor wordt het overschat. Mensen spreken vaak van een kans van 1 op de miljard dat je ernaast zit. Dat kun je dus verwaarlozen. Maar kijk je naar de feitelijk situatie dan zie je iets totaal anders. Een tijd geleden heeft het NFI-gegevens geopenbaard. Daar bleek in 6000 gevallen dat ze succes hadden gehad, maar blijkt in 30 gevallen dat de politie toch iets anders denkt. In dat geval zit je dus niet op 1 op de miljard maar een foutenkans van 1 op de tweehonderd
Voice over: Conclusie: Niets is uitgesloten. De kleine gedrongen Ali die zo mysterieus verdween na de moord op Marianne, zou dus best de dader kunnen zijn. Maar zoals u dit weekend bij Eén vandaag kon zien is Justitie tot vorige week nooit naar hem op zoek gegaan. Hoe logisch dat ook leek.
Professor Ton Derksen: Je ziet dat ontlastend materiaal gewoon terzijde geschoven wordt. Wanneer er veel getuigen zijn die zeggen dat de persoon die zij kennen, niet de persoon is waar het Openbaar Ministerie het over heeft, dan zou op dat moment het Openbaar Ministerie toch moeten zeggen: Hier klopt iets niet! En op één of ander manier dringt dat dan toch niet door. Dat is het bekende verschijnsel. Als een signalement lijkt, dan is het mooi, maar als het niet lijkt dan wordt er geen consequentie uit getrokken.
Professor Van Koppen: Er is een aantal getuigen dat het OM tegenspreekt. Ze houde stug vol: Er zijn geen fouten gemaakt. Dan zou ik zeggen: Moi, misschien hebben we een fout gemaakt. We denken van niet, maar laten we het even serieus en goed onderzoeken. Dat is toch een nette manier van handelen?
Voice over: De brute moord op Marianne Vaatstra veroorzaakte veel onrust in Noord Oost Friesland. Nog steeds zit men met de vraag: Wie heeft dit op zijn geweten? Een cold case team van twee mensen heeft nog geen begin van een oplossing.
Professor Van Koppen: Nou ja, er is helemaal geen cold case team. U heeft het steeds over een cold case team, maar er zijn twee mannen die in hun vrije tijd af en toe naar deze zaak kijken. Dat wordt in Friesland een cold case team genoemd. Wij in het Westen noemen dat geen cold case team.
Natuurlijk kunt u uw bestelling ook doen bij de reguliere boekhandel bij u in de buurt of via boekensites als AKO, Cosmox, NRC lux, Blz. ,Libris,Paagman , etc.
Een artikel geschreven door Wim Dankbaar (van o.a. Rechtiskrom), en in 5 delen geplaatst op Boublog.nl, hier deel 1, deel 2, deel 3, deel 4 en deel 5. De artikelen heb ik integraal overgenomen en in 1 artikel geplaatst. De inleidingen/opmerkingen bij sommige delen zijn van Boublog en zijn mede overgenomen.
Deel 1: Door Wim Dankbaar
Omdat ik vele vragen krijg hoe ik nu over de zaak denk, en ook verzoeken om
excuses te maken omdat ik er naast zat, schrijf ik dit stuk. Het mag bekend zijn
dat ik al jaren stel dat Marianne verkracht en vermoord is door de Irakese
asielzoekers Feik Mustafa en Ali Hassan. Tevens mag bekend zijn dat ik stel,
gesteund door onomstotelijk bewijs, dat deze twee asielzoekers in hetzelfde
weekend van de moord heimelijk zijn weggesluisd door Justitie.
Deze stellingen worden echter volledig overschaduwd
door de aanhouding en “bekentenis” van Jasper S. Het behoeft geen betoog dat als
bovenstaande stellingen waar zijn, Justitie een enorm belang heeft om de
stellingen in diskrediet te brengen, dan wel anderszins ongeloofwaardig te
maken, waarbij geen middel geschuwd zal worden om dit te bereiken, zoals het
vervalsen van DNA bewijs.
Vraagt u mij niet hoe Justitie erin geslaagd is om Jasper S. een gruwelijk
misdrijf te laten bekennen dat hij niet heeft gepleegd. Ik weet het antwoord
niet. Wel weet ik dat er drugs en methoden bestaan om iemand iets te laten
geloven wat niet is gebeurd. In dit stuk zal ik trachten aan te tonen dat
Jasper’s bekentenis, zoals die nu bekend is geworden uit de rechtszittingen, op
zijn minst ongeloofwaardig is, in feite onmogelijk de waarheid kan zijn.
De onmogelijke tijdlijn
Gebaseerd op het verhaal van Spencer (de toenmalige vriend van Marianne) en
diens vriend Wietze heeft het OM gereconstrueerd dat deze twee rond half twee ‘s
nachts afscheid hebben genomen van Marianne en dat zij kort daarna, tussen half
twee en 2 uur, overleden moet zijn. Spencer en Wietze verklaarden dat zij na
het afscheid zijn teruggefietst naar Buitenpost waar zij voor twee uur aankwamen
bij shoarmabar de Pyramide en nog een broodje hebben gegeten. Dit wordt
bevestigd door eigenaar Mohammed van de Pyramide. Los van het feit dat er
talloze bewijzen zijn dat het verhaal van de gestolen fiets en het afscheid van
Marianne ter hoogte van de sportvelden , gelogen is, klopt de bekentenis van
Jasper niet met de tijdlijn zoals die bekend is van Spencer en het OM. Spencer
stelt aanvankelijk dat hij rond twaalf uur ‘s nachts met Marianne de discotheek
Paradiso heeft verlaten. Dit tijdstip wordt bevestigd als “kort na middernacht”
in het opsporingsbericht van de politie:
Aanvankelijk stelt hij tevens dat hij afscheid van Marianne heeft genomen ter
hoogte van het tunneltje, een halve kilometer verder dan de sportvelden. Later
verandert Spencer het tijdstip van vertrek uit Paradiso naar 1 uur ‘s nachts. De
plek van het afscheid verandert hij naar de sportvelden.
Laten we nu eens kijken hoe deze tijdlijn al dan niet te rijmen is met het
verhaal van Jasper. Jasper stelt dat er die nacht een koe moest kalven. Uit het
rechtbankverslag:
‘Mijn vrouw is toen naar bed gegaan. Ik zou beneden slapen vanwege een koe
die moest kalven.’
‘Ik ben eerst gaan slapen. Op een zeker moment, waarschijnlijk half twee,
kwart voor twee , liep de wekker af en ben ik naar de stal gegaan’
‘Ik sta op en trek mijn werkkleren aan en ga naar de stal om polshoogte te
nemen bij die bewuste koe. Daar was niets loos mee, dat duurde niet langer dan
vijf minuten.’
‘Toen ben ik weer richting huis gelopen, met de intentie om de nacht voort
te zetten. Ik heb toen echter mijn fiets gepakt en ben gaan fietsen.’
Allereerst valt op dat Jasper besluit te gaan fietsen, terwijl de koe nog
steeds verwacht wordt te kalven. Als tijdstip hiervoor meldt het
rechtbankverslag:
Het is inmiddels dus 1 mei, omstreeks 02.00 uur in de nacht.
Ondanks dat Jasper speciaal beneden is gaan slapen en de wekker heeft gezet
om op tijd de koe te kalven, besluit hij voor onbepaalde tijd te gaan fietsen,
buiten het bereik van de koe. Weliswaar is met de koe nog niets loos, maar dit
kan uiteraard binnen een half uur veranderen. De vraag of de bewuste koe die
nacht inderdaad gekalfd heeft en of Jasper daarbij is geweest, wordt ook niet
beantwoord. Hoe het ook zij, het besluit van Jasper om te gaan fietsen is gezien
de omstandigheden op zijn minst ongeloofwaardig te noemen. Nog ongeloofwaardiger
is de tijdlijn die Jasper hanteert. Hij stelt nadrukkelijk dat hij later dan
twee uur is gaan fietsen. Op dat tijdstip is Marianne volgens het OM reeds
vermoord en zitten Spencer en Wietze in de Pyramide een broodje te eten. In het
scenario van Jasper is Marianne dus een uur later vermoord dan in het scenario
van Spencer en het OM.
Over de route zegt Jasper het volgende:
S. weet niet meer welke route hij heeft gefietst. ‘Geen idee, je kunt heel
veel kanten op. Ik was in gedachten. Ik heb het niet in mij opgenomen.’
S zegt dat hij naar het oosten is gefietst, richting Kollum. ‘Daarna ben
ik het kwijt.’
Deze beweringen zijn tegenspraak met wat Jasper even later zegt:
S. kwam Marianne tegen ter hoogte van de sportvelden. Vaatstra had ook
geen licht op haar fiets. ‘Het zicht was niet bijster goed, want er staan
redelijk grote bomen naast het fietspad. Die werpen aardig schaduw op de weg. Ik
heb haar niet aan zien komen.’
Dat Marianne, die toch al bang was in het donker, ook geen licht op haar
fiets had, laten we maar even buiten beschouwing. Jasper weet dus wel dat zijn
route hem langs de sportvelden “De Swadde” in Buitenpost heeft geleid. Hij is
het dus helemaal niet kwijt. Bovendien stelt hij dat hij Marianne niet heeft
zien aankomen. Ook dit is weer in tegenspraak met wat hij even later zegt:
‘Ik keek naar twee jongens verderop, toen kwam mij opeens een jonge vrouw
tegemoet.’
Jasper stelt dus niet alleen dat hij het vermeende afscheid van Spencer en
Wietze van Marianne heeft waargenomen, maar ook dat hij Marianne zag aankomen.
In tegenspraak met zijn eerder bewering.
Indien men gemakshalve aanneemt dat het verhaal van Spencer en Wietze de
waarheid is, dan is het ook vreemd dat zij een tegemoetkomende fietser niet
hebben waargenomen. Te meer omdat Spencer beweert dat Marianne nog achterom
heeft geroepen: “Als mij wat overkomt is het jullie schuld!”. Te meer ook omdat
Jasper beweert dat hij rechtsomkeert heeft gemaakt om Marianne te achtervolgen.
Het is zeer onwaarschijnlijk dat Jasper al deze waarnemingen heeft gedaan zonder
dat Spencer en Wietze er iets van hebben waargenomen. Blijkbaar ziet Jasper dat
ook in, want hij lost dit probleem op met de volgende bewering: “Ik denk niet
dat ze mij hebben gezien”. Dit is een uiterst vreemde opmerking gezien de
beschrijving van de gebeurtenis waarbij het bijna onontkoombaar is dat Spencer
en Wietze hem gezien moeten hebben, maar vooral ook omdat het voor Jasper
helemaal niet relevant is om zich af te vragen of Spencer en Wietze hem hebben
gezien. Dit is alleen relevant voor diegenen die zich afvragen waarom Spencer en
Wietze geen melding hebben gemaakt van een tegemoetkomende fietser die omkeerde
en achter Marianne aan ging. Jasper is echter de laatste die op die vraag een
antwoord zou moeten willen geven. Toch vult hij het antwoord uit eigen beweging
in.
Jasper’s verhaal wekt steeds meer de indruk dat hij het afstemt op hoe het OM
het graag wil horen op basis van het verhaal van Spencer, maar niet alle
details, zoals bijvoorbeeld de tijdlijn, synchroon kan houden. Zo geeft hij ook
verschillende versies van dezelfde gebeurtenis. Tegenover de rechter zegt hij
dat hij Marianne gevolgd is door het tunneltje:
S. fietste achter Vaatstra aan, die vrij snel fietste. Hij volgde haar
door een tunnel. Hij had nog steeds de gedachte ‘die is voor mij’, bevestigt
S.
Tegen zijn ouders heeft hij expliciet gemeld dat Marianne NIET door het
tunneltje ging maar bovenlangs over de weg. Overigens mag men zich ook afvragen
waarom een gezonde volwassen man van begin 30 een kilometer nodig heeft om een
zestienjarig meisje in te halen. De afstand tussen de sportvelden en de plaats
waar Jasper Marianne inhaalde op de Keningswei is namelijk een kilometer.
Deel 2
Door Wim Dankbaar
De volgende delen van het betoog van Dankbaar gaan over de absurde en
onmogelijke manier waarop Jasper S. Marianne zou hebben verkracht en vermoord.
Omdat deze delen nauw met elkaar samenhangen, plaats ik ze hier achter elkaar.
Het wordt dan wel een lang artikel, maar dat moet dan maar.
Marianne’s ongesteldheid en orale seks
Op het moment dat Jasper Marianne ziet, zegt hij te hebben gedacht: “Jij
bent voor mij”. Hieruit is af te leiden dat hij vanaf dit moment de voorbedachte
rade had om Marianne te verkrachten, naar men mag aannemen tegen haar zin. Alle
navolgende door Jasper beschreven handelingen wijzen op deze voorbedachte rade,
waarbij hij zich talloze malen heeft kunnen afvragen of hij wel goed bezig was
en zijn plannen niet beter kon staken. Niettemin, zo moeten wij geloven, heeft
Jasper geen enkel moment van bezinning gekend. Hij is Marianne achterna gereden,
heeft haar ingehaald en van haar fiets gedwongen. Vervolgens heeft hij Marianne
vastgepakt, zijn zakmes geopend, met één hand, en Marianne bedreigd. Jasper
weet zich nog specifiek te herinneren dat Marianne vroeg: Wie ben jij?
Daarna heeft hij zowel haar fiets als zijn eigen fiets , ook met één hand, aan
de kant van de weg gezet. Dit is vreemd omdat er op de herenfiets die aan
Marianne werd toegekend, in het geheel geen sporen (DNA of vingerafdrukken) van
Marianne of Jasper zijn gevonden. Tijdens deze gebeurtenis zou Marianne ook
geprobeerd hebben zich los te rukken en in Jasper’s hand hebben gebeten. Tot
bloedens toe. De vraag is dan in welke hand Marianne gebeten zou hebben. De
hand waarin hij het mes had, of de hand die hij nodig had om de fietsen weg te
zetten? Enfin, Marianne zou haar verzet hebben gestaakt omdat zij volgens Jasper
onder de indruk van het mes zou zijn geweest. Hierdoor kon Jasper verder met
zijn verkrachtingsplan door samen met Marianne het weiland in te lopen, ongeveer
een honderd meter tot voorbij een boomwal, een plek die hij geschikt vond om zijn
plan ten uitvoer te brengen. Op geen enkel moment tot dan toe is Jasper tot
bezinning gekomen. Kennelijk heeft hij steeds besloten, ondanks alle
moeilijkheden en tegenwerking van Marianne, zijn plannen door te zetten. Bewust
en in kalm beraad. Jasper stelt zelf dat hij in een “roes” heeft gehandeld.
Alsof hij niet wist waar hij mee bezig was. Maar dit strookt absoluut niet met
de aaneenschakeling van zijn doelbewuste handelingen en beslissingen. Zo zou
Marianne op gegeven moment hebben aangegeven dat zij ongesteld was. De
toehoorder moet hier kennelijk uit begrijpen dat Marianne begreep dat Jasper sex
met haar wilde, hoewel niet door Jasper wordt verteld dat hij deze intentie aan
haar had duidelijk gemaakt.
Jasper zegt hier het volgende over: ”Ze gaf aan dat ze ongesteld was en heeft voor dat ze mij oraal
bevredigde haar tampon verwijderd. Ze stond toen nog. Ik heb me erover
verwonderd dat die tampon nooit aangetroffen is.”
Men kan zich afvragen waarom Marianne haar ongesteldheid ter sprake bracht.
Iets anders dan haar wens dat Jasper zijn sexuele plannen zou laten varen, is
eigenlijk niet te verzinnen. Niettemin is dit voor Jasper wederom geen reden om
van zijn plannen af te zien. Wat Jasper’s reactie op Marianne’s onthulling was,
vertelt Jasper niet precies, maar wel dat Marianne hem vervolgens van orale sex
heeft bediend. Op wiens initiatief dit was, vertelt Jasper ook niet. Alleen dat
hij dit zo gewend was bij de hoeren, die daar ook mee beginnen. Ook vertelt hij
dat Marianne kennelijk vrijwillig en zelf haar tampon heeft verwijderd. We zijn
hiermee aangeland bij misschien wel het meest potsierlijke element uit Jasper’s
bekentenis. Het is immers totaal ongeloofwaardig dat Marianne zelf haar tampon
verwijderd als voorbereiding op de sex die zij absoluut niet wil. Nog
ongeloofwaardiger is dit als men bedenkt dat Jasper even later met zijn mes haar
slipje moest wegsnijden. Wij moeten dus geloven dat Marianne vrijwillig haar
tampon heeft verwijderd, maar kennelijk niet vrijwillig haar slipje naar beneden
heeft willen doen. Als klap op de vuurpijl moeten we aannemen dat Jasper, die
net tot bloedens toe in zijn hand is gebeten, nu zijn piemel – voor de door lust
gedreven Jasper, misschien wel het meest dierbare lichaamsdeel – toevertrouwt
aan diezelfde tanden van Marianne. Een meisje dat volgens familie en vrienden
van zich af zou bijten, maar dit om haar leven te redden niet heeft gedaan.
Marianne zal toch beseft hebben dat als je een man, met mes of niet, zijn
piemel afbijt, deze in één klap buiten spel is.
De vraag of Jasper klaargekomen is van de fellatio, wordt ook niet
beantwoord. Kennelijk niet, want even later is hij nog in staat om Marianne
vaginaal te penetreren.
Waar is het bloed en de anale verkrachting?
Jasper stelt dat hij zich vele details niet kan herinneren. Wel is hij
stellig dat hij Marianne niet ook nog anaal heeft verkracht. Dit is opmerkelijk
omdat zowel sporenonderzoek als de sectie heeft uitgewezen dat Marianne zowel
vaginaal als anaal is verkracht. Ofwel hebben de pathaloog-anatomen van het NFI
een kapitale fout gemaakt, ofwel Jasper vertelt niet de waarheid. Blijkbaar zit
niemand met deze enorme tegenstrijdigheid. Blijkbaar hoeft ook niemand te weten
hoe het OM tot de conclusie is gekomen dat Marianne anaal is verkracht ondanks
dat alle media steevast meldden: Uit het sporenonderzoek en de sectie bleek
dat Marianne anaal en vaginaal was verkracht.
Zelfs Peter R. Vries weet in zijn Marianne Vaatstra dossier te melden:
Marianne werd op haar buik gevonden. Ze was bijna naakt en zowel anaal als
vaginaal verkracht.
De anale verkrachting is door het verhaal van Jasper plotseling naar het rijk
der fabelen verwezen en door OvJ Henk Mous vervangen door orale verkrachting.
Blijkbaar wordt aan Jasper’s ongeloofwaardige bekentenis meer waarde gehecht dan
aan de door het OM vastgestelde feiten.
Tevens is door het OM altijd gesteld dat er niet of nauwelijks bloed van
Marianne is gevonden op de plaats delict. Dit heeft voeding gegeven aan de
gedachte dat Marianne niet meer in leven was toen haar de keel werd
doorgesneden. Een levend persoon met bloeddruk en kloppend hart zou immers veel
meer bloed hebben doen vloeien. Eenzelfde redenering wordt gehanteerd voor de
kleine steekwondjes op Marianne’s bovenbeen. Geen bloed, dus Marianne moet al
dood zijn geweest, zo stelt Peter R. de Vries namens het OM. Jasper zegt echter
zeker te weten dat hij deze wondjes niet heeft veroorzaakt en dat Marianne nog
leefde en ademde toen hij haar, liggend op haar buik, de keel zou hebben
doorgesneden. Hij weet zelfs te melden dat hij het bloed hoorde stromen. Los van
het feit dat hij de meest morbide details wel herinnert maar andere details weer
niet, is dit in rechtstreekse tegenspraak met de afwezigheid van bloed in het
gras van het weiland. Wederom vraagt niemand zich af of Jasper dan wel de
waarheid spreekt.
Tot slot merk ik op dat een dubbele verkrachting, anaal en
vaginaal, beter past bij een verkrachting door meer dan één dader, zoals de
weggesluisde Feik en Ali uit mijn beginstelling. Tevens past het ontbreken van
Marianne’s bloed in het weiland ook beter in het scenario dat Marianne op een
andere plek is verkracht en vermoord en later in het weiland is gedumpt.
Deel 3
Door Wim Dankbaar
Deel 3 van het artikel van Dankbaar gaat over het haartje in de aansteker die
werd gevonden in het rugzakje van Marianne, maar ook over de “creatieve” manier
waarop alle “bewijs” verschijnt en weer verdwijnt als het OM het niet meer kan
gebruiken. Eerst was er geen haartje in de aansteker, toen opeens wel, maar nu
dit “bewijs” niet bruikbaar blijkt, doet die aansteker opeens niet meer ter
zake. Hetzelfde geldt uiteraard voor de sporen van bloed en sperma! Vergelijk
dit artikel ook met dat van André
Vergeer: Het haartje in de aansteker.
Het haartje in de aansteker
Een jaar geleden mocht Peter R. de Vries van het OM in zijn programma de
bevindingen van nieuw onderzoek presenteren. Eén van de opzienbarende feiten was
een haartje van de dader, dat gevonden zou zijn in de aansteker uit Marianne’s
rugtas. Het DNA van dit haartje kwam overeen met het op Marianne aangetroffen
sperma. Allereerst mag men zich afvragen waarom een haartje van de dader pas 13
jaar later wordt gevonden in een bewijsstuk dat ongetwijfeld al eerder grondig
was onderzocht op dadersporen. Maar ten tweede moet men zich afvragen hoe dit
haartje, een haartje van Jasper volgens het OM, in de aansteker terecht is
gekomen. Jasper stelt namelijk nadrukkelijk dat deze aansteker niet van hem is,
dat hij hem nooit heeft gezien, laat staan heeft aangeraakt. Ook is hij stellig
dat hij niet in Marianne’s tas heeft gekeken. Als Jasper de waarheid spreekt –
en volgens het OM is dat het geval – dan blijft het een raadsel hoe een haartje
van Jasper in een voor hem onbekende aansteker is gekomen. Volgens Jasper kan
dit niet. Volgens het OM is het zo. Eén van de twee moet de zaak dus beduvelen.
Wederom hoeft niemand te weten welk van de twee het is. Omdat Jasper niets te
verliezen heeft met de erkenning dat hij de aansteker heeft aangeraakt, na alle
belastende feiten die hij reeds erkend heeft, lijkt het er eerder op dat het OM
creatief is geweest met de bewijsvoering. De vraag is dan waarom?
Bedenk ook dat Jasper stelt zijn laarzen en werk-overall te hebben gedragen
in verband met de koe die zou kalven:
‘Mijn zakmes zit standaard in mijn werkkleding. Die kleding had ik aan
toen ik op de fiets stapte.’
Deze overall moet vol met koeienharen hebben gezeten. Jasper zou tijdens de
verkrachting op Marianne hebben gelegen, maar een koeienhaar is niet op haar
lichaam aangetroffen. Wel een haartje van hemzelf in een aansteker uit een tas
die hij nooit heeft opengemaakt.
Eenzelfde verschijnsel qua creatieve bewijsvoering, is de “vondst” van
Jasper’s bloed op Marianne sinds vorig jaar. Voorheen was er namelijk nooit
sprake van bloed, maar alleen van sperma. Voor de uitzending van Peter R. de
Vries heeft het OM nooit gewag gemaakt van bloed. Uit het rapport van het second
opinion onderzoek van rechercheur Hans Akerboom (2006) blijkt dit nog eens:
De moord op Marianne wordt als “de perfecte moord” omschreven. De dader
heeft nagenoeg geen sporen achtergelaten. Sperma leidde tot een
daderprofiel.
Het bloed is dus of jarenlang door het OM verzwegen, of naderhand verzonnen.
In beide gevallen prangt de vraag: Waarom? Niettemin geeft Jasper wel een voor
het OM verlossende verklaring. Marianne heeft immers in zijn hand gebeten,
waarbij Jasper expliciet vermeldt dat daarbij bloed heeft gevloeid. Wat echter
ondergesneeuwd blijft, is waarom het OM dan nooit eerder de vondst van bloed
heeft gemeld?
Deel 4
Deel 4 van het artikel van Dankbaar gaat over de zeer tegenstrijdige
verklaringen van Jasper S.. Deze verklaringen zijn zo absurd, zelfs de rechter
heeft er moeite mee. Moeten we dit verhaal geloven? Volgens mij is het antwoord
NEE!
Jasper’s selectieve geheugenverlies
Door Wim Dankbaar
Het moge
duidelijk zijn dat Jasper vele details weet op te lepelen. Zo weet hij nog dat
Marianne vroeg “Wie ben je?” en hem in zijn hand heeft gebeten. Ook weet hij dat
Marianne aangaf ongesteld te zijn, zelf haar tampon heeft verwijderd en hem
orale seks heeft gegeven. Tevens weet hij dat hij Marianne levend de keel heeft
doorgesneden en daarbij haar bloed hoorde stromen. Ook weet hij dat hij haar
niet anaal heeft verkracht.
Echter, op een hele reeks cruciale vragen waarop de familie Vaatstra zo graag
een antwoord wil hebben, moet hij het antwoord schuldig blijven. Hij weet het
niet meer, hij handelde in een roes, zegt hij. Dit laatste is in tegenspraak met
de reeks van weldoordachte handelingen en beslissingen die hij beschrijft.
Talloze malen heeft hij de kans gehad om anders te beslissen, maar als we hem
moeten geloven, heeft hij steeds weer bewust gekozen om zijn plan om Marianne te
misbruiken door te zetten. Bovendien komt zijn spijt en wroeging niet overeen
met een man die toentertijd in staat was deze gruwelijke handelingen in kalm
beraad te verrichten. Spijt en wroeging komen eerder overeen met een man die
juist niet in staat is zulke handelingen te verrichten.
Enerzijds weet Jasper te vertellen dat Marianne aanvankelijk hevig verzet
heeft geboden, tot en met losrukken en het bijten in zijn hand, anderzijds
beweert hij dat Marianne vervolgens willoos en gehoorzaam aan zijn lusten
tegemoet is gekomen. Zij heeft zelf haar tampon verwijderd, ze heeft hem
fellatio gegeven en ze heeft zich zonder protest vaginaal laten verkrachten,
laten wurgen en de keel door laten snijden.
Eigenlijk komt het er op neer dat alle details die Jasper wel geeft, in
strijd zijn met de bekende feiten en de details die hij niet weet in strijd zijn
met wat hij zich zou moeten herinneren als dader. Jasper gaat daarbij zo ver dat
hij zaken invult die men graag wil horen. Als de rechter hem vraagt of hij de
rugtas heeft gebruikt voor het wurgen ( een stelling van het OM) antwoordt
Jasper: “Het zou kunnen”. Hij zegt zelfs letterlijk: “U mag vinden wat u wilt.”
De verdachte speculeert hier met zijn ondervragers mee. De bekentenis heeft
alle kenmerken van iemand die een valse verklaring aflegt. Waar Jasper het niet
meer weet, kiest hij de uitvlucht: Ik handelde in een roes, er zitten gaten
in mijn geheugen. In feite zegt hij, in tegenstelling tot het OM dat hij
ontoerekeningsvatbaar was, maar gezien de vele details en bewuste handelingen
die hij zich wel meent te herinneren, is dit niet geloofwaardig. In de soap die
deze rechtszaak is, is doodslag evenmin geloofwaardig, want volgens Jasper zelf
was hij al bezig met de vraag of Marianne het er levend vanaf zou brengen:
Volgens S.’ herinnering verzette Marianne zich niet. “waarschijnlijk om het
er levend vanaf te brengen.” #vaatstra
Gezien de vragen van rechter Dölle heeft deze duidelijk ook moeite met de
geloofwaardigheid van Jasper. Ongeloof en scepsis druipen er vanaf. Toch had hij
in zijn opdracht om vast te stellen of Jasper wel de waarheid spreekt, dan wel
of er sprake is van moord of doodslag, wat mij betreft wel wat doeltreffender te
werk kunnen gaan. Zo had hij bijvoorbeeld kunnen vragen:
Wat was uw reactie toen Marianne aangaf dat ze ongesteld was?
Heeft u haar duidelijk gemaakt dat u dat geen obstakel vond om haar te
verkrachten? Zo ja, mag ik dan concluderen dat u hier zeer duidelijk met een
voorbedachte rade bezig was om haar in elk geval te verkrachten? U moet zich
toch hebben bedacht dat als u Marianne in leven liet, zij tegen u zou kunnen
getuigen van dit misdrijf, wat verkrachting toch is. Hoe kunt u dan volhouden
dat u haar niet met voorbedachte rade heeft vermoord? Bij het ene misdrijf, de
orale en vaginale verkrachting, handelde u weloverwogen en met voorbedachte
rade, maar bij het tweede misdrijf, de moord, handelde u in een roes en in
paniek? Hoe moet ik dat zien, mijnheer Steringa?
Heeft u een verklaring waarom Marianne zelf haar tampon heeft verwijderd?
Was dit naar aanleiding van uw standpunt dat haar ongesteldheid geen bezwaar
was? Was het uw begrip dat Marianne er vrede mee had dat u haar vaginaal zou
penetreren?
Op wiens instigatie werd de orale seks geïnitieerd? Kunt u aangeven
waarom Marianne hiermee akkoord ging?
Vond u het niet gevaarlijk om uw penis over te leveren aan de mond en
tanden van een meisje dat niet gediend was van welke vorm van seks met u dan
ook?
Kwam u klaar van de orale bevrediging? U heeft het immers over
bevrediging. Zo nee, wat deed u besluiten om Marianne te gebieden de orale seks
te staken? Zo ja, hoe kreeg u het voor elkaar om haar ook nog vaginaal te
verkrachten?
Bauke Vaatstra meent, ook ingegeven door het OM, dat
Jasper zich veel meer herinnert, maar niet het achterste van zijn tong laat zien
en zaken bewust achterhoudt. Naar mijn overtuiging raakt deze redenering kant
noch wal. Jasper heeft, huilend en snikkend, details bekend die elke schande
voorbij gaan. Hij heeft zich tot op het bot vernederd. Wat heeft de man nog te
verliezen door dingen te bekennen die Bauke Vaatstra zo graag wil weten?
Helemaal niets. Waarom zou iemand uit schaamte zaken achterhouden als hij wel
kan erkennen dat hij Mariannes keel doorgesneden heeft en haar bloed hoorde
stromen? Waarom zou hij dan niet achterhouden dat hij het moordwapen tot op de
dag van vandaag heeft bewaard? Ook hier is sprake van een tegenstrijdigheid want
zijn vader stelt dat Jasper sinds die tijd minstens 3 werkmessen heeft versleten
en er bovendien altijd twee had die hij gebruikte om ze tegen elkaar te
slijpen.
Bauke Vaatstra begrijpt niet dat Jasper zich zaken niet herinnert omdat hij
de hele moord wel eens niet gepleegd zou kunnen hebben en de details die hij
zich wel herinnert door derden ingeprent zijn.
—————————–
Tot zover Wim Dankbaar. En niet alleen Bauke begrijpt dat niet,
er zijn talloze mensen die het niet begrijpen. Vroeg of laat zal men toch moeten
inzien, dat dit niet kan! Maaike had het meteen al door: We worden bedrogen waar
we bijstaan!!!
Wim, ik plaats hier nog even de audio:
Maaike en Wim praten over Peter duurt een kwartier.
Het laatste deel van het artikel van Dankbaar gaat over de rol die Peter R.
de Vries in deze zaak speelt. Deze grote misdaadjournalist is de grote
showmaster van dit bloedstollende theater!
Excuses geëist van Peter R. de Vries
Door Wim Dankbaar
Peter R. de Vries, ontegenzeggelijk een spreekbuis van het OM in deze zaak,
twittert triomfantelijk:
Zou complotdenker #WimDankbaar
nu voorgoed zijn mond houden en excuses aanbieden aan de mensen die hij heeft
geterroriseerd en belasterd??
Welnu, ik
denk dat ik met bovenstaande verhandeling wel duidelijk heb gemaakt dat ik
onverkort van mening blijf dat Jasper S. niets te maken heeft met de moord op
Marianne Vaatstra. En dat tevens het OM en Peter R. de Vries het Nederlandse
volk op een ongekende wijze bedriegen.
Bovendien zou ik wel eens willen weten wie Peter precies bedoelt met de
mensen die ik “geterroriseerd en belasterd” zou hebben. Ik vermoed dat hij
mensen bedoelt als Stephanie van Reemst, Jano Hassan, Spencer Sletering en Feik
Mustafa, van wie ik stel dat zij ook weten dat de moord niet door Jasper S. is
gepleegd. Van Stephanie stel ik dat zij het vriendinnetje van Feik was en
getuige is geweest van de ontvoering van Marianne uit het het centrum van Kollum
door onder meer Feik en Ali.
Van Spencer stel ik dat zijn gestolen-fiets-verhaal en het afscheid van
Marianne bij de sportvelden een kletsverhaal is. Een knalharde leugen. Ik stel
voorts, uitsluitend op basis van getuigen die door het OM stelselmatig
genegeerd worden, dat Feik Spencer softdrugs leverde, ruzie met hem had en hem
die avond toegezegd heeft: Vanavond gaan we jouw vriendinnetje pakken! Ik
stel verder dat Ali en Feik de fietsen van hem en Wietze hebben lek gemaakt door
de ventielen eruit te trekken, een feit waar Stephanie getuige was. Een feit
ook dat door meerdere getuigen bevestigd is, onder meer door Spencer’s eigen
vader Dick Sletering die de volgende ochtend tegen Bauke Vaatstra zei: Ik
denk wel dat Spencer thuis is, want ik zie zijn fiets hier staan met een lekke
band! Ik stel tevens dat Spencer en Wietze zijn opgehaald uit het dorp, waar
hun lekke fietsen stonden, door Spencer’s moeder Jacqueline Sletering in haar
groene Citroën Saxo, een feit dat ook is waargenomen door een getuige waar het
OM niets van wil weten. En dat zij vervolgens door haar zijn afgezet bij de
Pyramide om nog een broodje shoarma te eten. Tevens stel ik dat Spencer en
Wietze om half één ‘s nachts zijn gezien zonder Marianne door Verry Brouwer en
Tinie de Haan, prutsend aan een fiets, ongetwijfeld in een poging nieuwe
ventielen te regelen om hun eigen fietsen weer rijklaar te maken. Deze getuigen
zijn nota bene door Peter R. de Vries zelf gepresenteerd in een uitzending uit
2003, waarin Peter het verhaal van Spencer en Wietze onderuit haalt en het OM
hekelt vanwege het vasthouden aan hun verhaal. Ondanks dat Peter ook weet dat
het verhaal van Spencer en Wietze één grote leugen is, neemt hij deze anno 2012
graag over van het OM in zijn laatste uitzending, met de befaamde
“reconstructie” en al.
Dit is de bewuste uitzending: prdvmarianne duurt 14
minuten.
Peter R. maakt dus in 2003 een ijzersterke case voor de stelling dat
Spencer’s verhaal een leugen is. De “bekentenis” van Jasper is echter op die
leugen gebaseerd. Derhalve wil Peter R. anno 2013 niet aan de uitzending
herinnerd worden.
Van Jano Hassan stel ik dat hij familie en een zeer goede bekende is van de
door Justitie weg gesluisde Ali Hassan. Tevens stel ik dat hij in 2009 door een
getuige in Groningen is gesignaleerd in het gezelschap van deze Ali Hassan en
vervolgens deze getuige heeft bedreigd om haar mond hierover te houden. Ik stel
dus ook dat hij bekend is met het stiekem wegsluizen van Ali Hassan en diens
huidige verblijfplaats.
Van al deze personen stel ik dat zij weten dat de in Turkije gearresteerde
Ali Hassan, niet de Ali Hassan was die zij kenden uit het AZC als de
onafscheidelijke vriend van Feik. Met andere woorden dat ook zij weten dat het
OM het Nederlandse publiek een geweldige loer heeft gedraaid met een verkeerde
Ali Hassan om te verhullen dat zij de juiste Ali Hassan het land uit hebben
gesmokkeld. Bovendien heb ik al deze mensen uitvoerig de gelegenheid gegeven om
mijn publicaties te weerleggen voordat ik ze publiceerde.
De vraag rijst waarom Peter R. de Vries meent dat ik excuses zou moeten maken
voor iets wat gewoon de waarheid is. De vraag is ook waarom deze mensen zelf
niet mijn excuses vragen. De vraag is tevens waarom deze mensen schitterden in
afwezigheid op de rechtszitting van Jasper S., nu zij hun “gelijk” (= mijn
“ongelijk”) met een andere dader dan Feik en Ali kunnen vieren. Maar ja, met al
die media erbij zou je weleens vragen kunnen krijgen als: Klopt het eigenlijk
dat de gearresteerde Ali niet de Ali was die jullie kenden? Wat is er nu waar
van die lekke banden? Voor mij is het dus allang geen raadsel meer waarom
zij wegbleven. De grootste vraag is nog wel waarom Peter R. de Vries zelf
hardnekkig blijft weigeren om deze mensen te vragen of er ook maar iets waar is
van mijn stellingen, maar in plaats daarvan excuses eist.
Als Peter R. de Vries meent dat ik deze mensen terroriseer en belaster, dan
moet hij vooral zijn vrienden bij het OM adviseren om eindelijk eens de
smaadaangifte van Jano Hassan tegen mij te vervolgen. Stephanie heeft volgens
het OM aangifte van smaad gedaan, om die vervolgens binnen twee weken weer in te
trekken. Ik daag Peter uit om die aangifte op te vragen en te produceren, want
ik stel dat het gewoon een smerig verzinsel was om mij via een groot artikel in
de Leeuwarder Courant in diskrediet te brengen, als zou ik een strafbaar feit
hebben begaan. Iets wat Peter R. de Vries nog steeds tracht te beweren. Peter R.
dient zich af te vragen waarom het OM die strafbare feiten dan niet wil
vervolgen.
Jano Hassan heeft ruim anderhalf jaar geleden aangifte gedaan, maar het OM
weigert om hier actie op te nemen. In feite is de conclusie allang
gerechtvaardigd dat zowel Jano als het OM deze aangifte in de la met
zoekgeraakte stukken willen laten liggen. Seponeren durft het OM ook niet, want
dat is hetzelfde als zeggen dat mijn stellingen de waarheid zijn, en dus
allesbehalve smaad.
Het is natuurlijk zonneklaar dat het OM zich geen
rechtszaak kan veroorloven waarin duidelijk wordt dat ze doelbewust een
verkeerde, voor deze mensen onbekende Ali Hassan hebben opgepakt. Dit leidt
immers tot de vraag: Wat is er dan met de juiste Ali Hassan, de werkelijke
verkrachter van Marianne Vaatstra gebeurd?
Omdat dit echter een politiek proces is, bedoeld om monstrueuze
ambtsmisdrijven onder de pet te houden die het voorstellingsvermogen van de
gemiddelde burger te boven gaan, heb ik niet de illusie dat de rechtbank
voldoende lef heeft om de moord door Jasper niet overtuigend en wettig bewezen
te achten.